Paneel met Prudentia en Jezus voor Pilatus naar Frans Floris

Dit keer bespreken we hier een paneeltje dat op 3 april geveild wordt. Een allegorie van de onschuld of van Prudentia (de voorzichtigheid) volgens het veilinghuis. Een zeer enigmatisch schilderij. Een allegorie weer, maar misschien ook een politieke aanklacht. Althans dat zal ik hier proberen duidelijk te maken.

Wat zien we? Een vrouw houdt twee slangen vast en heeft twee duiven op haar knie. In de achtergrond zie je Jezus die voor Pilatus gebracht wordt. Bij bijna elk schilderij naar dit model staat ‘Evangelium Math: Cap: X’. Die dubbele punt is een afkortingsteken. Het evangelie volgens Matteüs hoofdstuk tien.

Het blijkt een populaire voorstelling die zeer regelmatig op veilingen of bij antiekhandelaars opduikt. Nooit gesigneerd of gedateerd. Ik heb er door de jaren talrijke foto’s van verzameld. De schilderijen dateren bijna altijd uit de late zestiende eeuw. En ze zijn ontegensprekelijk Antwerps met Italiaanse renaissance-invloed. Het werk van een zogenaamde Romanist.

De toeschrijvingen zijn soms erg fantasierijk. Van Pieter Isaacsz over Maerten De Vos tot meestal Frans Floris. De namen gegeven aan het schilderij variëren ook. Prudentia is de meest voorkomende. Al is Betsebah wel de merkwaardigste. Een andere vreemde titel is ‘allegorie op de vrede‘ (waar de slangen ontbraken).

De prijzen liggen altijd rond een paar duizend euro. Wat gezien de kwaliteit van sommige exemplaren een koopje lijkt. Bij antiekhandelaren zijn gerestaureerde exemplaren te koop vanaf 12.000 euro. Bijna altijd gaat het om een olieverf op eiken paneel. De panelen zijn meestal ongeveer één meter op driekwart meter (meestal 99 x 78 cm). Dikwijls met authentieke kader uit de late zestiende eeuw.

Dit paneel is kleiner 69 x 52 cm. De schilderkwaliteit ziet er op de foto’s heel degelijk uit. Al is het paneel vuil. Dans son jus heet zoiets.

Al die rare beschrijvingen duiden op een steeds slechtere Bijbelkennis bij kunsthistorici en kunsthandelaars. Het gaat hier over de droom van de vrouw van Pilatus. Maar die wordt gecombineerd met allegorische elementen. De slangen en de duiven. En de wijzende index of wijsvinger van de rechterhand. De mooie vrouw behangen met dure kledij en juwelen is allicht eerder een fashion statement of gewoon een excuus om zoiets aan de muur te hangen.

Alvorens over de auteur enzovoort te speculeren moet eerst de voorstelling even van context voorzien worden.

Ter herinnering de Romeinse prefect Pontius Pilatus zat met de rechtszaak van een zekere Jezus. Een onschuldige Jood. Pilatus wou hem vrijlaten, maar de Real Politik van de tijd speelde een rol. Pilatus riskeerde een conflict met de Joodse leiders. Op dat moment speelde een conflict tussen de farizeeën en de sadduceeën. Dat was zowel een religieus als politiek en sociaal conflict (niet onbelangrijk in mijn hypothese). De ironie hier wil dat Pilatus de sadduceeën (hogepriesters en aristocraten) hun zin geeft, terwijl de farizeeën niet bepaald positief uit het Nieuwe Testament komen.

Pilatus dacht als rechter slim te zijn en liet het volk kiezen tussen een rebel en struikrover genaamd Barabbas en de onschuldige Jezus. Wanneer hij op zijn rechtersstoel ging zitten kreeg hij een boodschap van zijn vrouw. Zij meldde dat ze een nachtmerrie had over Jezus. Ze was zo van haar melk dat ze haar man waarschuwde: ‘Laat je niet in met die rechtvaardige!’

Pilatus’ vrouw was bang voor Jezus: ‘Ik heb om hem in een droom veel moeten doorstaan.’ Ze maant haar man aan om voorzichtig te zijn.

Het plannetje van Pilatus als rechter en bestuurder van het land mislukte. De Joodse leiders hadden de menigte opgezet tegen Jezus. De verbaasde Pilatus wast vervolgens zijn handen in onschuld. Ook Pilatus noemt volgens het evangelie Jezus een ‘rechtvaardige’ .

Die hele droom staat niet op het schilderij. Wat er wel op staat is Jezus die voor Pilatus gebracht wordt. En de iconografie van dat Passietafereel kennen we.

Het inzetje rechts bovenaan is duidelijk naar een prent gebaseerd op een ontwerp van Maerten De Vos. Ten vroegste van 1563 en ten laatste van 1586. Omdat de Antwerpse uitgever Hans Van Luyck die de prent uitgaf toen actief was.

Detail van Jezus voor Pilatus
Prent naar ontwerp van Maerten De Vos, gegraveerd door Hieronymus Wierix en uitgegeven door Hans Van Luyck circa 1570-1586.

Gezien de vele quasi identieke versies van dit schilderij hieronder een ander prachtig voorbeeld.

En gerestaureerde grote versie van de voorstelling.

Het Bijbelse verhaal is trouwens verder uitgewerkt in het Evangelie van Nikodemus. In het eerste deel daarvan, ook de Handelingen van Pilatus genoemd, komt het proces aan bod. Hoewel een apocriefe tekst bleek die de ganse Middeleeuwen en de vroegmoderne tijd zeer populair.

Dat is hier van belang omdat het misschien een licht kan werpen op de betekenis. De Heilige Hieronymus schreef de droom van Pilatus’ vrouw toe aan goddelijke ingeving, terwijl Luther haar droom zag als werk van de duivel. Die laatste duidelijke verschillen kunnen belangrijk zijn in het duiden van dit 16de-eeuwse schilderij.

De naam van de vrouw van Pilatus komt in de canonieke teksten niet voor. Die naam komt uit apocriefe teksten. Haar naam zou Claudia Procula of Procla zijn. Geen enkele bron bevestigt immers dat Pilatus überhaupt getrouwd was. Dat neemt niet weg dat ze als heilige vereerd wordt in de Orthodoxe, de Koptische, de Ethiopische en de Oosterse Katholieke Kerk.

De vraag is nu of de vrouw Claudia Procula is of een allegorie van Prudentia? Nu wordt Prudentia vaak afgebeeld met een slang om de ene arm en een spiegel in de andere hand. Maerten De Vos doet dat decennia lang zeer consistent. Bij Aux Quatre Vents van Hieronymus Cock die in 1570 overleed tot bij de vele andere uitgevers van prenten naar zijn ontwerpen.

Maar er zijn slechts twee voorbeelden en dan nog uit Antwerpen met die twee slangen en twee duiven. Telkens naar ontwerp van Hieronymus Wierix (eigenlijk een graveur). Het ene uitgegeven door Hans Liefrinck I tussen 1563 en 1573. Het andere een kleinere versie in spiegelbeeld die Wierix zelf uitgaf. Nadien zonder twijfel.

Prudentia door Hieronymus Wierix in Antwerpen uitgegeven door Hans Liefrinck (bron: Rijksmuseum)

En nu is het opletten op de parafernalia. Een vrouw zit op een troon, boven haar hangt een baldakijn. Op haar schoot zit een paar duiven (verwijzing naar de deugd Onschuld) en in haar hand houdt ze een aantal slangen (verwijzing naar de deugd Voorzichtigheid). Links op de achtergrond is een rechtszaak gaande.

De Onschuld waar de vrouw op het schilderij naar wijst en de Voorzichtigheid komen overeen. De gedrapeerde jurk en houding en het baldakijn ook. Maar bovenal het nevenintrige: de rechtszaak stemt overeen.

De vierregelige Latijnse verzen luiden:

Provida sepe acri potior Prudentia dextra est.

Illa quidem vitia, atque errores exuit omnes.

Puraquia simplicitas, numero, meritoquia resulget.

Hec prudens vivit dum pares inter amicos.

Het lijkt een beetje potjeslatijn (de rare afkorting van semper en provida om maar iets te noemen). Een zeer twijfelachtige poging tot vertaling is:

Voorzichtigheid is juist altijd beter dan scherpte.

Dat zijn inderdaad gebreken, en de fouten die uitgaan van allen

Puurheid, eenvoudigheid, matigheid levert terecht resultaat.

Die voorzichtige leeft als gelijke onder vrienden.

Stuur gerust een betere vertaling of transcriptie door, want ik ben niet tevreden.

Wat nu wel vaststaat is dat de combinatie van Prudentia en de rechtszaak in de jaren 1563-1573 vorm kreeg. Niet toevallig de periode waarin de Bloedraad van Alva actief was. Dat begon in 1567 en leverde doodsvonnissen op tot in 1573. In 1576 werd de Raad van Beroerten opgeheven.

Dus het schilderij is zowel Prudentia als de droom van de vrouw van Pilatus. Maar er is meer. En het volgende probleem zal dat helpen verklaren.

Dat probleem is wie de auteur van het origineel was. De toeschrijvingen aan navolgers van Maerten De Vos of Frans Floris zijn plausibel. Indirect schrijven ze toe aan die twee. Maerten De Vos was een leerling van Frans Floris. De stijl van dit soort dames lijkt dan ook op elkaar (al zijn die van Floris een pak hoekiger om het beleefd te formuleren). Daarom ben ik geneigd om dan te kiezen voor Maerten De Vos. Alleen van hem hebben we zoveel werken dat het origineel hetzij in tekening, hetzij in prent of schilderij meteen te vinden zou moeten zijn. En Maerten De Vos kende zijn allegorieën en geen enkele Prudentia komt zonder spiegel bij hem.

De toeschrijvingen aan Frans Floris en Maerten De Vos lijken me dan ook nonsens. En de navolgers zijn dan ook geen navolgers van die twee. Gezien de hoeveelheid panelen moet de populariteit groot geweest zijn. De meeste zijn van excellente kwaliteit en zelfs tamelijk groot. Het gaat hier over panelen die in woningen hingen. Allicht gaat het hier om panelen die gedurende een periode in een Antwerps atelier aan de lopende band naar één of twee modellen werd geschilderd.

Alleen waarom anoniem? Allicht was er een goede reden om dit schilderij niet te signeren of het auteurschap te claimen via prenten. En die reden is volgens mij de politieke en religieuze boodschap in het schilderij. Het is immers een aanklacht tegen een oneerlijke rechtsgang. Onschuldigen die veroordeeld worden. Een verwijzing naar hypocriete rechters. Voorzichtigheid die aangemaand wordt. En misschien zelfs een verwijzing naar de door een duivel of door God ingegeven droom van die voorzichtige vrouw.

Maar er is directer bewijs. Open en bloot op het schilderij. De verwijzing naar het evangelie.

Voor princen en coningen sult ghi geleyt worden om mynen wille (1562, Nederlandse bijbelvertaling uitgegeven door Lenaert der Kinderen)

Wie me niet gelooft moet Matteüs hoofdstuk X eens lezen. Dat is helemaal niet de passage van het proces bij Pilatus. Dat gaat over Jezus die zijn apostelen instrueert en waarschuwt dat ze voor prinsen en koningen terecht zullen staan omwille van Jezus. Ik heb de oude versie als schermafdruk gegeven, maar voor de duidelijkheid geef ik de huidige protestantse versie en zet ik één en ander vet:

Bedenk wel, Ik zend jullie als schapen onder de wolven. Wees dus scherpzinnig als een slang en argeloos als een duif. 17 Pas op voor de mensen, want ze zullen je aan het gerecht uitleveren en je geselen in hun synagogen. 18 Jullie zullen omwille van Mij worden voorgeleid aan gouverneurs en koningen, en getuigenis moeten afleggen ten overstaan van hen en de heidenen. 19 Wanneer ze je uitleveren, vraag je dan niet bezorgd af hoe je moet spreken of wat je moet zeggen. Want wat je moet zeggen, zal je op dat moment worden ingegeven. 20 Jullie zijn het immers niet zelf die dan spreken, het is de Geest van jullie Vader die in jullie spreekt. 21 De ene broer zal de andere uitleveren om hem te laten doden, en vaders zullen hetzelfde doen met hun kinderen, en kinderen zullen zich tegen hun ouders keren en hen ter dood laten brengen. 22 Jullie zullen door iedereen worden gehaat omwille van mijn naam; maar wie standhoudt tot het einde zal worden gered. 23 Wanneer ze jullie vervolgen in de ene stad, vlucht dan naar de volgende. Ik verzeker jullie: voor je in elke stad van Israël bent geweest, is de Mensenzoon gekomen.

In de Nederlandstalige Biestkensbijbel en in die van Lenaert der Kinderen uit 1562 is er sprake van Princen, Coningen en Stadthouder. Die Bijbelse verwijzing op het schilderij is naar vervolging omwille van geloof door de Stadthouder.

Je zou wel gek moeten wezen om een schilderij met die boodschap te signeren. Tegelijkertijd maakt het de datering gemakkelijker. Hoogstwaarschijnlijk dateren deze panelen van tussen eind 1576 en augustus 1585.

De achterkant van het paneeltje.