Een politiek boek om te bewaren voor historici

Politieke boeken door politici zijn dikwijls enkel nuttig om een wankel tafeltje in een studeerkamer tijdelijk stabiel te maken. Puinhopen van Vivaldi vormt daarop een uitzondering.

Verkiezingstijd is een periode waarin veel boeken op naam van politici verschijnen. Meestal zijn die geschreven door ghostwriters of zoals ze in het Frans zeggen ‘un nègre’. De complete oplage wordt dan meestal opgekocht door de politicus in kwestie en niemand leest doorgaans die boeken. Erger zelfs. Als er iets over verschijnt in de media, en dat gebeurt bijna altijd, gaat het over de persconferentie van de voorstelling van het boek. Zo’n boek is dan een aanleiding voor quotes. Daar zijn die boeken ook voor bedoeld, namelijk media exposure. Met die kanttekening dat die gesprekken verlopen op basis van iets dat in het beste geval enkel gelezen werd door de politicus in beeld of in de kolommen van de krant.

Een zeer boeiend en apart geval is Puinhopen van Vivaldi door Theo Francken en Sander Loones. De obligate korte introductie van de auteurs is hier uiteraard niet nodig. Het werd een opmerkelijk boek en wel om volgende redenen. Het is systematisch en thematisch opgebouwd. Het brengt een zeer duidelijk chronologisch parcours van de regeerperiode van de regering De Croo via de ogen van twee van de actiefste Kamerleden bij de oppositie. En ze nemen geen blad voor de mond.

Hoewel ze zonder schroom toegeven dat Joren Vermeersch het voor hen uitschreef en redigeerde, lees je heel duidelijk de persoonlijke stempel van Francken of Loones. De bijdrage van de parlementaire medewerkers in het verzamelen van de gegevens waarmee ze hun betoog larderen wordt uitdrukkelijk van lof voorzien. Toch ook een unicum.

Waarom zou je dit boek dan lezen? Ten eerste omdat het goed geschreven is en knap opgebouwd. Ten tweede omdat het keer op keer nagels met koppen slaat. Nagels die Francken en Loones aanleverden en waarbij ze de hamer hanteerden.

Daarmee komen we dus bij de inhoud en de vorm. De inhoud is een gekleurd verslag van de frustraties over wanbeleid en politieke machinaties van een regeerperiode. Iets wat efemeer kan lijken, maar denk aan de Twaalf Keizers van Suetonius. Zelfs een kleurrijke en zeer gekleurde geschiedenis van regeerperioden kan toch wel aanspraken maken op meer dan ‘het is maar campagnemateriaal’. En het minste wat je kan zeggen is dat Puinhopen van Vivaldi geen campagnemateriaal is maar duidelijk een interessante historische bron.

Een waardevol egodocument als het ware. Al is die kwalificatie hier uiteraard dubbelzinnig bedoeld. Het gaat hier immers om meer dan ego’s. Hoewel ‘ik’ in zeer veel hoofdstukken regelmatig voorkomt, geeft dat juist die authenticiteit die in de meeste politieke schrijverij ontbreekt. Oprechte verontwaardiging die van de pagina’s druipt.

De vorm bestaat uit vier hoofdstukken met uitdagende titels zoals Alle sluizen open, Land zonder eer, Land zonder leger en Kruistocht tegen kernenergie. Telkens opgedeeld in stukken die zeer goed gedocumenteerd zijn met Kamerstukken, cijfermateriaal en vooral achtergrondkennis van de politieke zeden in het federale België. Een verfrissend inkijkje op de particratie. Loones en Francken geven hun interpretatie van de tactische spelletjes van de regeringspartijen. Iets waar je duidelijk hun persoonlijke bijdrage in dit boekje waarneemt. Geen langdradige tirades, maar zeer zakelijk weergegeven met vermakelijke steken onder water.

Een mooi voorbeeld staat in het hoofdstuk over pensioen en meer bepaald over het ‘gewaarborgd ouder inkomen’. Daar leggen ze de oorlogsmachine van de PS bloot. De pensioenhervorming kwam er niet. De auteurs stellen dat ’alle werkenden in dit land verplicht [worden] tot grenzeloze pensioensolidariteit’. Ze klagen daarbij het Belgisch ‘gouvernement des juges’ aan van het Grondwettelijk Hof. ‘Volgens deze rechtspraak mogen sociale rechten niet worden teruggeschroefd door de wetgever, “zonder dat daar redenen van algemeen belang voor bestaan”.’ Het handelt hier natuurlijk over een pijnlijke nederlaag van N-VA die in de vorige regering pensioen wou verbinden aan minimaal tien jaar effectief verblijf in België. De kritiek is dat partijpolitiek benoemde rechters zich in de plaats stellen van ‘verkozenen van het volk’.

Het punt dat ze maken is 1 op 5 genieters van dat het ‘gewaarborgd ouder inkomen’ in het Brussels Gewest woont. ‘Dat is een groteske oververtegenwoordiging’ volgens Francken en Loones ‘als je beseft dat daar maar 160.166 65-plussers wonen, vergeleken met 1.402.989 in Vlaanderen en 706.211 in Wallonië.’ Ze besluiten met ‘Merci Karine!’. Daarmee bedoelen ze minister van pensioenen Karine Lalieux (PS).

Een ander voorbeeld vormen de ambtenarenpensioenen. Door de ‘recordindexering’ van 2022 profiteerde vooral één groep van de hogere pensioenen. ‘Uitgerekend die groep die al genoot van pensioenen die veel hoger lagen’. Dat alles maakte dat de pensioenlasten ‘explodeerden’ op twee jaar tijd. ‘Van 51,78 miljard euro in 2020, het jaar waarin Vivaldi het levenslicht zag, gingen die naar 71,27 miljard euro in 2024.’ Een stijging van 37 procent.

En zo staat het boekje vol voorbeelden van zaken die de begroting hielpen ontsporen omwille van partijpolitieke belangen. Uiteraard doen de auteurs moeite het ‘fiasco’ van Vivaldi goed in de verf te zetten.

Samengevat: Puinhopen van Vilvaldi leest aangenaam ondanks de lawine van feiten, waarvan de lezer in vele gevallen soms het fijne reeds was vergeten. De waan van de dag die de Belgische politiek beheerst wordt even aan de kant geschoven. De hoofdlijnen worden gefileerd. Als tijdsdocument levert het een niet zo fraaie analyse van de dossiers in het federale beleid die compleet mismeesterd werden: migratie, financiën, buitenlands beleid (de zaak Assadi), defensie en energie. Uiteraard kritiek door twee Kamerleden van de oppositie, maar zeer lezenswaardig voor iedereen geïnteresseerd in de Belgische politiek.

Het boek kan u kopen op volgende link.


Een reactie achterlaten